In essentie komt het allemaal terug op: gezien, gehoord en begrepen worden. Een conflict ontstaat als iemand over de grens van een ander heen gaat. Dit betekent dat de ander dus niet gezien is. Er ontstaat een onveilige situatie. Zo’n situatie kan nog een keer ontstaan, want je bent niet gezien, de verbinding is weg. Door contact met elkaar te maken kan dit wel gebeuren en ontstaat er weer een veilige situatie. Als in een conflict beide partijen zich gezien, gehoord en begrepen voelen hoeft er meestal niets te gebeuren om het goed te maken. Een conflict is pas afgelopen als het voor beide partijen goed voelt. Met name dit voelen is belangrijk, dit is de check. We vragen het ook specifiek: “Hoe voelt het voor jou? En voor de ander?” Wij kijken bij onszelf ook nog of het voor ons als begeleider goed voelt. Als dit OK is, is het klaar.
Een conflict wordt niet opgelost als er dwang wordt gebruikt. De situatie wordt in de hand gehouden. Ander gedrag wordt afgedwongen in plaats van dat het van binnenuit ontstaat. Dwang werkt tegelijk ook vermijding of verzet in de hand. Onderhuids gaat het conflict verder en uit zich bijvoorbeeld in pestgedrag of onzekerheid. Wij maken binnen Iederwijs daarom geen gebruik van straf of een bedachte consequentie als manier om een conflict op te lossen. Wel kan het kind in een conflict geconfronteerd worden met de natuurlijke consequentie van wat het gedaan heeft.