Beste Kees,
Ik vind het mooi te lezen met hoeveel enthousiasme men met de vrijeschool is begonnen. Het is ook een waarschuwing voor me: vernieuwingsbewegingen zijn meegegaan met de kerndoelen en de toetsen, en zijn daardoor een deel van hun vrijheid kwijt geraakt. Tegelijk bemoedigt het mij, omdat er blijkbaar iedere keer weer mensen zijn die willen werken vanuit het kind.
In de media wordt de vrijheid van Iederwijs sterk benadrukt. Begrijpelijk: het is het meest zichtbare verschil met het gangbare onderwijssysteem. Vrijheid is echter niet het enige eigene aan Iederwijs. Niet voor niets is één van onze motto's: Vrijheid mèt Verbondenheid.
Onze inspiratie bij het ontwikkelen van Iederwijs is dat ieder kind een innerlijke wijsheid heeft. Ik zie dat als je kinderen daarin vrij laat, ze datgene uit hun omgeving nemen wat ze het meest nodig hebben. We houden natuurlijk wel contact met de kinderen, kijken naar hun behoefte en zo nodig steunen we hen. Niet vanuit een systeem, maar vanuit onze intuïtie.
| Wel of niet aan de hand van de leraar? Beste Bas, Is jezelf leren lopen en praten wel hetzelfde als jezelf leren lezen en schrijven? In de basisschool heeft leren het karakter van de wereld leren kennen èn jezelf leren kennen. Het is als het tasten naar de dingen. Je voelt de tafel, en tevens jezelf. Tast je te hard, dan doet het pijn; ga je de tafel uit de weg dan ontbreekt er een stuk aan de wereld. Voor sommige kinderen is het tasten naar de wereld moeilijk: de zorgkinderen. Bij Iederwijs lees ik: "Leerproblemen en dyslexie zijn een product van slecht onderwijs". Wij kennen zorgleerlingen. Zijn we daarom een slechte school? Ik zie het zo: als de confrontatie met de 'tafel' te hard is, kijk je met het kind waar de scherpe (leer)-kanten zitten. In het vrijeschoolonderwijs nemen we het kind bij de hand om de tafel én zichzelf te leren kennen naar doen, voelen én denken. |  |
Als denken naar later wordt verschoven, is het leerproces onvolledig. Leren is niet voor later. Leren is voor nu. Leren is jezelf voelen veranderen, is de vreugde van het groeien, is de moed om de dingen 'aan te pakken.'
Beste Kees,
Dit is precies wat ik in Iederwijs terugzie: de vreugde van het groeien en de moed om dingen aan te pakken. Kinderen creëren iedere keer opnieuw een situatie die zo uitdagend is dat het leuk is, niet te makkelijk, niet te moeilijk, maar net spannend. We zien kinderen moedige stappen nemen. Ze leren zichzelf lezen en rekenen, of ze zoeken iemand op die het hen kan leren. Deze houding geldt voor alle leeftijden, ieder kiest waar hij of zij zicht op heeft, van veters lussen tot staatsexamen wiskunde. En zorgkinderen? Die bestaan op Iederwijs niet als aparte categorie. Het benoemen van een eigenschap als probleem lijkt mij schadelijk voor het zelfvertrouwen van het kind. Ik kijk liever met het kind naar zijn mogelijkheden. Het kind heeft echter wel zorg nodig. Jan Geurtz maakt in zijn boek 'Het einde van de opvoeding' onderscheid tussen zorg en opvoeding. Zorg heeft met de ondersteuning in het nu te maken. Kinderen snappen dat en voelen dat aan, ze accepteren het. Opvoeding heeft met later te maken, vanuit de beelden en angsten van de volwassene. Het kind moet nu al anders zijn omdat het later anders misschien misloopt.
Beste Bas,
Een pedagoog is iemand die in het hier en nu de toekomst van het kind voorbereidt. Er is veel zorg nodig zodat het kind de wereld zo kan leren kennen, dat het daarin zijn eigen toekomst vinden kan. Ik vind het naïef te veronderstellen dat het kind zichzelf die zorg kan geven. Of ga jij uit van vermogens of voorbeschikkingen van het kind die je nog niet genoemd hebt. Ik bedoel maar: hoe weet je het kind waarin een banketbakker steekt, ook de banketbakker uit de omgeving neemt? Baseer je je op inspiratie of ervaring?
Beste Kees,
Ik zie bij Iederwijs dat kinderen inzicht hebben in hun eigen problemen en deze ook willen en kunnen aanpakken. Zo merkte een meisje van tien dat ze zich te veel aanpaste aan anderen, en besloot toen zelf dat ze alleen wilde kunnen spelen. Dit deed ze, en nu neemt ze alweer de eerste stappen om vanuit zichzelf een verbinding aan te gaan. Een ander kind kiest voor spelletjes: omdat hij niet tegen zijn verlies kan! Weer een ander wil leren lezen omdat hij de videocamera wil kunnen bedienen... Op Iederwijs behouden en ontwikkelen kinderen zelfvertrouwen. Ze leren de kennis op te zoeken die ze nodig hebben, mogelijkheden te zien en deze zo nodig zelf te creëren. In een maatschappij waar kennis ruim voorhanden is, denk ik dat de jongen die is voorbestemd om banketbakker te worden dit ook zeker zal worden.
Beste Bas,
Je schrijft: "Als je kinderen vrij laat, nemen ze datgene uit de omgeving op wat ze het meest nodig hebben". Het is een kernzin uit je betoog en het is verheugend dat je de inspiratie van de Iederwijsschool in één zin kunt samenvatten. Wij hebben daar stapels boeken van Rudolf Steiner voor nodig. Ik zal geen vrijeschoolman zijn, als ik niet wil weten wat achter die zin steekt. Ik vroeg een Iederwijsleerkracht wat ze doet als een kind belangstelling krijgt voor geschiedenis. Ze antwoordde: "Dan neem ik een boek over geschiedenis mee, of de kinderen kijken in een encyclopedie of op internet." In de vrijeschool vindt de kennismaking met geschiedenis onder de hoede van de leraar plaats. Deze doseert, vertelt, geeft verwerkingsopdrachten, gaat in op vragen van kinderen en laat hen ervaren dat je met gepaste afstand naar vroegere gebeurtenissen kunt kijken. Is het wel genoeg steeds weer nieuwe uitdagende situaties creëren? Want kinderen die zelf op zoek gaan, kunnen immers de vreselijkste beelden en verhalen tegenkomen? Weetje wat onvrij is? De wereld zo leren kennen dat je je rot schrikt. Vrijheid is de wereld verwachtingsvol tegemoet kunnen treden.
Beste Kees,
Je zegt dat je kinderen wilt inleiden in de wereld zodat ze zichzelf erin herkennen. Bij Iederwijs is het startpunt anders. Ik merk dat als kinderen leren naar zichzelf te luisteren, ze geen situaties aangaan die voor hen te heftig of te groots zijn. Mocht er toch heftige informatie naar voren komen, dan lopen ze weg. Ze zoeken het niet actief op omdat het niet dienend is aan hun ontwikkeling op dat moment. Mocht een kind een fascinatie hebben voor bijvoorbeeld buitensporig geweld, dan kijken we wat er met het kind aan de hand is en zoeken naar de onderliggende behoefte van dat kind. Soms vinden we het nodig contact te leggen en nieuwe mogelijkheden te bieden. Zo zat een jongen wekenlang achter de computer. We vroegen ons of dit zijn werkelijke keus nog was. Uit een gesprek bleek dat hij wel andere ideeën had, maar de mogelijkheden niet zag. Hij wilde een vlot bouwen, maar er was niet genoeg hout. Wat hij niet deed was zijn wens verwoorden. De volgende dag kwam hij met een lijst vol ideeën op school. "Op die dag heb ik het geheim van Iederwijs ontdekt", zei hij achteraf.
Vrijeschool : opvoeden tot vrijheid.
Onderwijzen is de kunst van het vragen stellen.
De vraag: "Hoeveel is 3 + 57" is geen kunst, en geeft het kind maar weinig vrijheid. Er is maar één antwoord mogelijk: 8. Maar de vraag: laat eens zien hoe je 8 kunt verdelen heeft een oneindig aantal oplossingen. De wereld roept vragen op bij het kind. De leraar helpt die vertalen naar open vragen die het kind stimuleren om zelf-onderzoekend aan de slag te gaan.
Eén vraag één antwoord maakt kinderen onvrij en gemakzuchtig: als je het geleerde kunstje toepast vind je het goede antwoord wel. Maar in het leven is het niet zo. Daar moet je wakker zijn en de vrijheid hebben om je eigen antwoorden te formuleren.
Wie standaardantwoorden leert geven verliest identiteit. Wie oplossingen leert bedenken wint aan vrijheid. Vrijheid is geen privilege, vrijheid is een kunst die je moet oefenen.
Kinderen vaardigheden (laten) leren is de uiterlijke kant van het leren. Het vinden van vrijheid in het denken is de wezenlijke grondslag van de vrijeschool.
lederwijs: kinderen zijn vrij
Kinderen kiezen wat, hoe en op welk moment ze iets willen leren, vanuit hun eigen interesse en vermogen tot kiezen. Er zijn geen aparte klassen, de school bestaat uit één groep,van verschillende leeftijden, van vier tot achttien jaar. Er zijn ruimtes voor activiteiten: een atelier, een computerkamer, een tuin, een keuken, en meer ruimtes die kunnen ontstaan... De inrichting verandert naar gelang de behoefte van de kinderen zodat de omgeving uitnodigend blijft. De activiteiten ontstaan vanuit initiatief van de kinderen èn/of begeleiders. Kinderen en begeleiders doen wat hen inspireert, en inspireren elkaar.
De school wordt bestuurd door kinderen en begeleiders, waarbij er besluiten worden genomen op basis van de argumenten. Iedere stem telt.
De discussie tussen Kees en Bas staat uitvoerig op het forum van Educare. U kunt daar nu aanmeedoen en lezen wat anderen er van vinden. Voor het forum, informatie over de stichting, proefnummers en abonnementen: www.educare.nl