Het kind
bestaat uit honderd
Het kind heeft
honderd talen
honderd handen
honderd gedachten
honderd manieren van denken
van spelen, van spreken
Honderd, altijd weer honderd
manieren van fluisteren
verwonderen en liefhebben
honderd vreugden
om te zingen
en te begrijpen
honderd werelden
om te ontdekken
honderd werelden
om te verzinnen
honderd werelden
om te dromen
Het kind heeft
honderd talen
(en nog honderd, honderd honderd meer)
maar ze pakken er negenennegentig af
De school en de samenleving
scheiden het hoofd en het lichaam
Zij zeggen tegen het kind:
dat hij zonder handen moet denken
zonder hoofd moet handelen
moet luisteren en niet praten
moet begrijpen zonder vreugde
alleen met pasen en kerstmis
mag liefhebben en verwonderen
Ze zeggen tegen het kind:
ik geef je de al ontdekte wereld
en van de honderd
pakken ze er negenennegentig af
Ze zeggen tegen het kind:
dat werk en spel
realiteit en fantasie
wetenschap en verbeelding
hemel en aarde
verstand en droom
dingen zijn
die niet bij elkaar horen
En dus vertellen ze het kind
dat de honderd er niet is
Het kind zegt:
Zeker: de honderd is er wèl.
Loris Malaguzzi